Wim HelsenNa een uiterst experimentvol optreden met Laura van Dolron vorig jaar in de Roode Bioscoop, probeert Vlaming Wim Helsen in het Laboratoire Artistique sans limite de komende dagen zijn nieuwe voorstelling Er wordt naar u geluisterd uit. Er zit nog geen mop in. Gelukkig valt er genoeg te lachen.

“Er wordt naar u geluisterd.” Dat wordt de titel van de nieuwe voorstelling, waarvoor ik in de Roode Bioscoop de komende avonden try-outs ga doen. In die zin is dit laboratoire veel conventioneler dan mijn vorige voorstelling in de Roode Bioscoop. Maar het is ook experimenteel, die voorstelling is nog niet af. Ik heb nu zo’n 50 minuten, misschien tegen die tijd wel een uur. Of ik ook echt naar het publiek luister? Nee, maar dat is ook niet de belofte.

Een nieuwe voorstelling is een lichaam dat groeit, en dan al groeiende zijn eigen weg gaat. Het begint met een idee, met tien minuten. Al spelende komen er allemaal mogelijkheden bloot te liggen. Sommige blijven, worden meer deel van de voorstelling. Of het valt om. Nu voel ik heel duidelijk: er moet iets anders gebeuren. Er moet iets uitbreken. Ik moet een andere weg inslaan. Al spelende ervaar ik hoe dat werkt. Misschien wel in de Roode Bioscoop.

Het is heel veel prutsen. Mijn vorige voorstelling Spijtig, Spijtig, spijtig speelde zich af op een wc. En ik wist op een gegeven moment, ik moet de hele avond op die wc blijven. Dat is een grote beperking. Maar het geeft een kader en eigenlijk heel veel vrijheid. Nu heb ik een ander soort beperking, die werkt wat té beperkend. Dat is op dit moment een beetje aan het wringen. Als zo’n beperking ontstaat, kun je dan pas echt dingen verzinnen die je niet zou verzinnen zonder die beperking. Maar het moet wel eerst gaan botsen, zo, verdomme. Dat het hier vastloopt.

Hoe kunnen we profijt halen uit het feit, dat we weten dat we sterven? Dat is het idee waar deze voorstelling mee begon. Er zit nog geen mop in. De hele voorstelling drijft op spanning, op de situatie. Of grappen belangrijk zijn? Kennelijk niet. Maar ze geven wel houvast. Grappen zijn iets heel erg duidelijks. Maar blijkbaar zitten er nog geen in, dus is het niet belangrijk.

Mensen gaan alleen maar beledigd zijn.Dat was mijn grote angst, toen ik deze voorstelling begon te maken. Het voelde of ik iets deed wat ik niet mocht doen. En dat ze het saai zouden vinden. Maar het tegenovergestelde gebeurde. Bovendien kon ik de eerste keren zelf mijn lachen ook niet in houden. Dat was mij nog nooit overkomen, dat ik zelf in de lach schoot.

Je mag geen verdriet bij andere mensen triggeren. En als er verdriet is, dan moeten we daar met fluwelen handschoentjes mee om gaan. Dat is de angst bij deze voorstelling. Dat ik iets trigger bij mensen. Stel dat jij geen kinderen kan krijgen en je had dat wel gewild, en dat dat moeilijk valt. En dan zeg ik nóg iets dat jij als beledigend ervaart, en je wordt dan vreselijk kwaad, misschien is dat dan wel juist goed. Misschien dat je dat dan nodig hebt op dat moment. Het is niet echt om de ander te doen. Het is niet om de ander te ontzien. Maar ik ben bang voor de ongemakkelijkheid die ontstaat. Het moet gezellig zijn. Al die dingen. Terwijl al die ongemakkelijkheid, al dat verdriet, al die kwaadheid die er is, als die kan bestaan is de gezelligheid ook veel toffer.

Ik hoop dat de mensen ontroerd geraken. Dat ze heel stil worden. Maar dat ze ook heel, heel hard moet lachen. Die twee houden veel verband met elkaar. En dat er iets van magie ontstaat. Magie, daar zijn veel verschillende vormen van. Maar het belangrijkste is, dat we zo alles beleven. Dat alles zo zindert van leven.

Recepten om bij die magie te komen zijn er natuurlijk niet. Dan kunnen dingen ook echt mislukken. Ik ben daar bang voor, maar ik vind het niet echt verschrikkelijk. Als ik ervoor kan kiezen mensen niet teleur te stellen, dan doe ik dat liever niet. Maar ik weet wel dat ik gebieden moet bewandelen waarin het kan gebeuren, en dat het op dat moment pijnlijk gaat worden. Dan moet ik dat maar laten bestaan en maar weer verder door het leven.

Eén keer heb ik mensen bewust op het podium teleurgesteld. Ik dacht: het is goed voor mij om dat eens heel duidelijk te ervaren. Zo van, ik heb de mensen teleurgesteld, en nu kan ik me daarover schamen. Ik vertelde op het podium wat het plan was. Het duurde niet lang, 4 à 5 minuten. Aanvankelijk werd er nog gelachen, maar op den duur niet meer. Toen ging ik af, en had ik dus mensen teleurgesteld. Ik kon me eens goed gaan schamen. Maar achteraf kwamen er dan mensen naar mij toe om te zeggen: ‘dank u wel, eindelijk gebeurde er iets.’ Zij vonden het spannend, authentiek. Die mensen waren er blij mee. Die waren níet teleurgesteld. Snap je? En zodra zij dat komen zeggen, ben ik daar blij om.

Uiteindelijk hoop ik dat we de zaal lichter en helderder verlaten dan dat we haar zijn binnengekomen. Om dat te laten gebeuren moet er tijdens een voorstelling ook zwaarte zijn, en kronkeligheid. Ik ervaar zelf ballast om vrij en vrolijk en licht te leven. Die ballast als ballast te kijk zetten, dat helpt al. Door deze zichtbaar te maken, belachelijk te maken. Als lachwekkend op te voeren. Dat helpt om weer een beetje meer verzoend te zijn met het leven. Daar streef ik naar. Onze ballast voelbaar te maken, op een manier die ons lichter maakt. En dan lost het op en dan is het er niet meer.

WIM HELSEN SPEELT 3, 4 en 5 JUNI IN DE ROODE BIOSCOOP, IN DE SERIE LABORATOIRE ARTISTIQUE SANS LIMITE. IN DEZE SERIE KRIJGT EEN GERENOMMEERDE ARTIEST DRIE DAGEN LANG CARTE BLANCHE. NIEUWSGIERIG GEWORDEN? DE VOORSTELLING IS REEDS UITVERKOCHT, MAAR U KUNT HIER EEN KANSJE met DE WACHTLIJST WAGEN.